52

Nour-Eddine Jarram

Op drift

28 november t/m 20 december 2020 verlengd t/m 24 januari 2021
Mensen op de vlucht. Nour-Eddine Jarram maakte van hen een indringend, veelvormig portret in honderden aquarellen, met titels als Exodus, El Salvador, Home, Ghouta, Refuge. Hieruit tonen we in Kunstlokaal No8 een selectie.
Nour-Eddine Jarram: “Het kostbaarste dat ze hebben dragen ze dicht tegen zich aan: de kinderen”.

Nour-Eddine Jarram

1956, Casablanca
Academie des Beaux Arts, Casablanca AKI, Enschede
Woont en werkt in Enschede

Op drift

Ze lopen, rennen, wachten, schuilen bij elkaar. Clair-obscur, kleur, intimiteit. Mensen op de vlucht, het gevaar in de houding uitgedrukt. “Het kostbaarste bezit dragen ze dicht tegen zich aan: de kinderen”. Nour-Eddine Jarram maakte van hen een betrokken en indringend, veelvormig portret. De figuratie heeft hij zich zozeer eigen gemaakt dat in de aquarellen echte mensen aanraakbaar zijn. Gelicht uit een vloeiende abstracte massa krijgen ze met trefzekere lijnen een persoonlijkheid. Het drama van verwoesting, exodus en ontheemding expressief uitgebeeld.

De opening

De tentoonstelling werd geopend met een tekst door Bertus Pieters:

Laatst had ik het met een kunstenaar over het werk van Nour-Eddine en over zijn tentoonstelling in het Rijksmuseum Twenthe. “Oh, weer zo’n geëngageerde kunstenaar. Hij tekent fotootjes uit kranten na en vindt zichzelf dan een hele piet,” kreeg ik te horen. Zo’n reactie doet het werk van Nour-Eddine niet alleen schromelijk te kort vind ik, het is er ook helemaal naast. 

Natuurlijk, een actueel onderwerp is ook iets om je als kunstenaar mee te kunnen afficheren. Toen vijf jaar geleden het Syrische jongetje Alan Kurdi dood was aangespoeld aan het Turkse strand en toen foto’s daarvan de wereld overgingen, liet kunstenaar Ai Weiwei zich naar verluidt door fotograaf Rohit Chawla overhalen om zich ook maar op de buik liggend op het strand te laten fotograferen. De fotograaf gooide er hoge ogen mee op de Indian Art Fair en het imago van Ai Weiwei als geëngageerd kunstenaar was er weer eens mee bevestigd. De vraag rees meteen of dit nu wel ethisch verantwoord was en of het iets bijdroeg aan de bewustwording van het probleem van de ontberingen die vluchtelingen en andere migranten te verduren krijgen, of dat het brutale uitbuiting van het leed van anderen was. 

Vorig jaar, tijdens de Biënnale van Venetië, toonde kunstenaar Christoph Büchel de wrakkige vissersboot waarmee meer dan zevenhonderd migranten de dood vonden in de Middellandse Zee, eveneens in 2015. Hij noemde het werk Barca Nostra (Onze boot), een variatie op Cosa nostra (Onze zaak, een andere benaming voor de maffia) en op Mare nostro (Onze zee, de fascistische benaming van de Middellandse Zee). Het schip werd een statement en je kon er een selfie bij maken of je kon je erbij gaan lopen schamen, je kon erbij koffiedrinken of je kon er tranen bij plengen. De verdronkenen kregen we er niet mee terug. De zaak bleek een goede eye-catcher voor de Biënnale, het kunstjournaille vloog elkaar in de haren over ethiek en esthetiek van Büchels project, en ondertussen zijn we weer een aantal mensenlevens verder. Onwil, desinteresse, opgeklopte angst, discriminatie en eigen belang spelen nog steeds de belangrijkste rol wanneer het gaat om vluchtelingen en andere migranten. 

Hoe je verder ook kijkt naar de beelden die Ai Weiwei, Rohit Chawla of Christoph Büchel hebben opgeroepen, je kunt kunstenaars niet kwalijk nemen dat ze zich ook betrokken voelen bij de actualiteit en dat ze, zoals u en ik misschien ook zouden willen, trachten de machteloosheid te forceren waar ze kunnen. Of het nu gaat om de aftakeling van de natuur, de kloof tussen arm en rijk, racisme, de opwarming van de planeet of om de vluchtelingenproblematiek, velen voelen zich geroepen er ook wat over te zeggen en dat geldt dus ook voor kunstenaars. Wanneer velen over die problematieken dezelfde dingen zeggen, dan werkt dat voorspelbaarheid in de hand, en in de kunst is dat vaak de dood in de pot. Maar daar komt in de kunst nog iets bij: de persoonlijke esthetiek van de kunstenaar. De boodschap kan voorspelbaar zijn, maar de manier waarop hij gebracht wordt, hoeft dat allerminst te zijn. Zoiets kan een ander, bijzonder beeld van dezelfde problematiek opleveren. Dat je die problematiek daarmee niet meteen verandert, doet daaraan niets af. 

De artistieke weg die Nour-Eddine heeft afgelegd is een lange. Ik herinner me zijn werk nog uit de jaren tachtig in het Haags Centrum voor Actuele Kunst. Dat was mijn eerste kennismaking met zijn werk. Verder zie ik natuurlijk geregeld werk van hem opduiken in het echt, bij Galerie Maurits van de Laar in Den Haag, en virtueel via Facebook. Door de jaren heen heeft hij de mensenwereld steeds meer geopend en naar zich toegehaald, begonnen als hij is vanuit de achtergrond van de 

Islamitisch-Marokkaanse kunst. Die kunst wordt door veel Westerse kijkers overigens vaak versleten voor alleen maar prachtlievend en decoratief, vol met vernuftig slingerende arabesken. Wat daarbij maar al te vaak vergeten wordt, is dat er in die kunst wel degelijk betekenis zit, sterker, dat de abstractie in de Islamitische kunst voortkomt uit betekenis. In Nour-Eddine Jarrams werk zie je een wisselwerking tussen het abstracte lenige lijnenspel en de realiteit die het tracht te vatten. Nour- Eddine heeft zich inderdaad laten leiden door de dingen die hij ziet in foto’s en andere beelden, maar hij heeft die beelden niet simpel nageverfd om als kunstenaar ook eens iets te zeggen over vluchtelingen. Daarvoor is de stroom van werken simpelweg te groot. Het onderwerp houdt hem intensief bezig en in zijn aquarellen zie je dat hij voor iedere groep mensen – het zijn vaak groepen of groepjes – tracht een andere vorm te vinden. Hij beslist steeds weer anders over het kleurgebruik, het donker en het licht en de monumentaliteit van de compositie, want ieder werk lijkt hier een monument te moeten zijn. Monumentaliteit zegt niet per se iets over de grootte van een werk. Een groot monument kan je toeschreeuwen, terwijl een kleine maar monumentale compositie je aandacht onweerstaanbaar naar zich toe kan trekken om het van dichtbij te bekijken. 

Enerzijds abstraheert Nour-Eddine de figuren in zijn werk tot een idee, anderzijds wil hij de individualiteit van die figuren nergens tenietdoen. Hij beheerst bovendien als weinig anderen de kracht van de lijn, de lijn die buigt onder een zware last, de lijn die stevig andere lijnen draagt, de lijn tussen veel anderen die de idee compleet maakt, de lijn die vervloeit in het niets en de lijn die zich losmaakt uit het niets. Er zijn de kleine tekens die heel summier een gezicht weergeven, een hand, of een gebaar. En dat alles in samenspel met kleur, zwart, wit en grijs, die de ene keer een vorm omschrijven, de andere keer de sfeer weergeven, de ene keer de figuren gevangen houden, en ze de andere keer de vrijheid geven. 

Deze werken zijn bovendien onderdeel van een veel groter oeuvre dat over allerlei uiteenlopende zaken gaat. Dat heeft Nour-Eddine ook de gelegenheid gegeven iedere compositie vanuit een andere hoek te benaderen en zo haar eigen karakteristiek te geven. In een aantal werken ontstaat daardoor ook een spanning tussen vorm en inhoud. In sommige voorstellingen lijken leed en emotie te groot te worden. Daar zorgen gebaren met lijnen, tekens, vlekken en kleuren vaak weer voor verzachting, als een troostende hand, of diezelfde hand zorgt ervoor dat de emotie in een groter of juist intiemer verband geplaatst wordt; soms zelfs beide. Dat houdt niet in dat hier in de eerste plaats leed mooi gemaakt wordt. “Geësthetiseerd” wordt dat ook vaak genoemd, maar dat is in feite de verkeerde term. De esthetiek van een kunstenaar is gewoon de manier waarop hij of zij zich uitdrukt, de taal van het kunstwerk, de stijl. In die zin esthetiseert iedere kunstenaar, wat hij of zij ook voortbrengt. Nour-Eddine heeft een esthetiek die het leed niet mooier maakt dan het is, maar eerder een die op zoek gaat naar de betekenis van al die ellende. Wat betekent het dat dit gebeurt? Welke betekenis hebben die mensen die soms de hoogste prijs betalen om van punt A naar punt B te komen? Wat draag je mee aan cultuur tijdens die erbarmelijke reis? 

Nee, je kunt niet stellen dat Nour-Eddine simpel op zijn buik aan het strand is gaan liggen, noch dat hij simpel krantenknipsels napenseelt, noch dat hij van een wereldprobleem leed-kitsch maakt. Kijk liever zelf wat zijn werk inhoudt, met een open blik. 

Recensies

Dirk van Ginkel in de Leeuwarder Courant:

Jurjen K. van der Hoek

https://jurjenkvanderhoek.tumblr.com/post/636289032902590464/op-drift-geraakte-mensen-geportretteerd

Atelierbezoek

Het boekje bij deze tentoonstelling.